Extra begeleiding

We zijn een school met kleine klassen. Daarnaast is er elke dag een extra leerkracht en/of onderwijsassistent aanwezig. Op deze wijze kunnen we kinderen individueel begeleiden of een groep splitsen waardoor de leerkracht aan een kleine groep kinderen les kan geven.

HARRIE DIJKMAN
HARRIE DIJKMANEXTRA LEERKRACHT (REMEDIAL TEACHER MAANDAG)
JESSICA WOLTERS
JESSICA WOLTERSEXTRA LEERKRACHT (REMEDIAL TEACHER DINSDAGMORGEN)
LINA NOOTER
LINA NOOTEREXTRA LEERKACHT (REMEDIAL TEACHER WOENSDAG)
GERDA WAGTER
GERDA WAGTEREXTRA LEERKRACHT (REMEDIAL TEACHER DONDERDAG)
ERNA V/D LUGT
ERNA V/D LUGTONDERWIJSASSISTENT (DINSDAG EN DONDERDAG)
HARRIET DIJKMAN
HARRIET DIJKMANEXTRA LEERKRACHT (REMEDIAL TEACHER VRIJDAGOCHTEND)

Sociale vaardigheden

Wij werken met de methode ‘De Kanjertraining’. Het belangrijkste doel van de Kanjertraining is dat een kind positief over zichzelf en de ander leert denken. Als gevolg hiervan heeft het kind minder last van sociale stress. Ook op langere termijn is dit effect merkbaar. De Kanjertraining geeft kinderen handvatten in sociale situaties en wil pestgedrag voorkomen.

De Kanjertraining bestaat uit een serie lessen met bijbehorende oefeningen om de sfeer in de klas goed te houden (preventief), of te verbeteren (curatief). Kinderen leren verantwoordelijkheid te nemen en met respect een ander te benaderen. De methode bevordert het actieve burgerschap en de sociale integratie. De sociale competenties worden bijgehouden via het Kanjer Volg- en Adviessysteem (KanVas). In alle groepen worden er lessen uit deze methode gegeven. Alle leerkrachten en onderwijsassistent zijn geschoold en gediplomeerd als Kanjercoach.

Plusgroep

We hebben twee geschoolde hoogbegaafdheidspecialisten in ons team. Alle leerkrachten vullen van alle kinderen een hoogbegaafdheids signaleringslijst in. Kinderen die meer aankunnen worden dan op bepaalde momenten begeleid buiten de groep met plustaken. Hiervoor is een hoogbegaafdheidbeleid gemaakt, waarin criteria staan waar kinderen aan moeten voldoen om te kunnen deelnemen aan de plusgroep en op welke manier deze kinderen worden uitgedaagd.

De criteria hebben niet alleen te maken met de scores op de methode gebonden toetsen en de niet methodegebonden toetsen (CITO). We kijken ook naar de motivatie en werkhouding van de leerling. Met elke leerlingen in de plusgroep vindt vooraf een gesprekje met de leerkracht plaats waarin de leerling vertelt waarom hij of zij graag in de plusgroep wil.

Juf Henriette en juf Alitha geven 1 keer in de 14 dagen les aan de plusgroep. We hebben een plusgroep voor de onder- en voor de bovenbouw. De kinderen maken in de plusgroep extra werk buiten de methode. We gebruiken hier o.a. het ‘Grote vooruitwerklabboek’ voor. Kinderen kunnen onderwerpen uitdiepen dat aansluit bij de belevingswereld van het kind en dat vervolgens aan elkaar of aan de klas wordt gepresenteerd. Bij de kleuters en in groep 3/4 werken de kinderen uit de ‘Slimme kleuterkist’, waarin veel spellen zitten die speciaal ontwikkeld zijn voor kinderen in de leeftijd van 4 t/m 8 jaar die extra uitgedaagd kunnen worden. Ook hebben we een Bee-Bot, voor groep 1 t/m 4, en Lego Mindstorms, voor groep 5 t/m 8, op school. Met de Bee-Bot en Lego Mindstorms leren de kinderen programmeren. Het doel van de plusgroep en het hoogbegaafdheidbeleid is dat kinderen uitgedaagd blijven om te leren.

Engels in alle groepen

Naast Nederlands wordt de Engelse taal steeds belangrijker. Leerlingen komen bijna dagelijks met het Engels in aanraking via media en games. Leerlingen krijgen daarom in alle groepen les in het vak Engels. Dat verbetert de aansluiting op het voortgezet onderwijs, waar Engels al een kernvak is. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat leerlingen die al op jonge leeftijd Engels leren communicatief vaardiger zijn dan andere leerlingen. Het aanleren van de Nederlandse taal wordt daarbij niet gehinderd.

Doelen:
-De leerlingen leren informatie te verwerven uit eenvoudige gesproken en geschreven Engelse teksten.
-De leerlingen leren in het Engels informatie te vragen of te geven over eenvoudige onderwerpen en zij ontwikkelen een attitude waarbij ze zich durven uit te drukken in die taal.
-De leerlingen leren de schrijfwijze van enkele eenvoudige woorden over alledaagse onderwerpen.
-De leerlingen leren om woordbetekenissen en schrijfwijzen van Engelse woorden op te zoeken met behulp van het woordenboek.

In de onderbouwgroepen krijgen de kinderen het vak Engels spelenderwijs aangeboden. Het doel is dat ze een positieve houding ontwikkelen t.o.v. het leren van Engels vanuit de ontwikkelingsfase van de kinderen, bijvoorbeeld in de vorm van liedjes en spelletjes.

Gymnastiek

Elke week worden de gymnastieklessen gegeven door een vakdocent gymnastiek. Vakdocent Thijs Kremer geeft elke dinsdag en donderdag gymles aan de groepen 1 t/m 8.

THIJS KREMER
THIJS KREMERVAKDOCENT GYMNASTIEK

Muziek

We besteden veel aandacht aan het vak muziek. De muzieklessen worden gegeven door vakdocent muziek Rico Pullen en door docenten van Popschool Twenterand.

Popschool Twenterand geeft muziek workshops in alle groepen. Rico Pullen geeft muzieklessen in alle groepen. Het hele schooljaar worden er structureel muzieklessen gegeven in de groepen 1 t/m 8.

Tablets en chromebooks

De kinderen uit de groepen 3 t/m 8 werken met chromebooks. De kinderen uit de groepen 4 t/m 8 maken op hun eigen niveau de rekensommen en taalopgaven op de tablet met behulp van het programma Snappet.

De voordelen van het werken met Snappet zijn:
-Kinderen die meer aankunnen krijgen uitdagende opdrachten, kinderen die moeite hebben met een bepaald vak krijgen opgaven aangepast aan hun niveau.
-Kinderen doen hierdoor allemaal succeservaringen op.
-Kinderen die meer aankunnen hoeven niet te wachten. Na de instructie kunnen ze direct aan het werk op hun eigen niveau met veel opdrachten.
-De tablet houdt bij welke opgaven en opdrachten kinderen al kunnen. De tablet biedt hierdoor steeds nieuwe opgaven aan net boven het niveau van een leerling. Elke leerling wordt dus uitgedaagd.
-De leerkracht ziet tijdens de les welke fouten kinderen maken. Dit wordt ‘live’ zichtbaar gemaakt op de computer van de leerkracht, zodat hier snel op ingesprongen kan worden door de leerkracht.
-Doordat de leerkracht direct ziet wat er fout gaat tijdens de inoefening kan er, als dat nodig is, aan een (klein) groepje extra instructie worden gegeven. De rest van de groep kan doorwerken.
-Kinderen krijgen direct feedback van de tablet. Ze zien welke fouten ze maken en welke opgaven ze goed maken. Dit werkt motiverend.
-Uit onderzoeken van de universiteiten in Twente en Nijmegen blijkt dat de resultaten omhoog gaan, doordat kinderen op hun eigen niveau werken en veel meer opgaven maken dan in het werkschrift. De tablet geeft immers eindeloos veel opdrachten aan de kinderen.

In groep 3 hebben we de nieuwste versie van de methode Veilig leren lezen aangeschaft. De opdrachten worden zowel op papier als digitaal gemaakt. Deze digitale opdrachten kunnen, voor zowel spelling als lezen, op elke leerling individueel worden afgestemd. Elke leerling in groep 3 kan zo op zijn eigen werkplek de digitale opdrachten maken. Op deze wijze is er geen tijdverlies en kan het optimale rendement bereikt worden.

Lezen

Wij hebben twee leescoördinatoren op school. We werken volgens een ‘leesplan’. In het leesplan staat o.a. hoe we het lezen bevorderen bij kinderen, zowel op school als thuis. We hebben onze eigen bibliotheek ‘De Boekstee’ op school. De collectie wordt elk half jaar ververst. De kinderen mogen de boeken meenemen naar huis. Op school tijdens de lessen maken we natuurlijk ook gebruik van de bibliotheek.

In de groepen  5 t/m 8 gebruiken we het programma Kurzweil. Kurzweil is een programma op de computer dat alle digitale teksten voorleest. Ook spreekt het programma tijdens het typen de letters, woorden of hele zinnen uit. Zo hoort de leerling zowel de spelling als de zinsconstructie. Gemaakte fouten worden hierdoor zelfstandig ontdekt en verbeterd. Kinderen die moeite hebben met lezen en spellen of dyslectisch zijn hebben hier veel baat bij. De kinderen leren door het programma zelfstandig te lezen, teksten te begrijpen, beter te spellen en met succes toetsen te maken.

Thematisch werken

We werken, in de groepen 4 t/m 8, met de methode Alles-in-1. Dit is een methode voor de vakken geschiedenis, aardrijkskunde, techniek, natuur en Engels, waarin in vier jaar tijd 20 projecten worden behandeld.

De thema’s waarover gewerkt wordt zijn in groep 4 anders dan in de groepen 5 t/m 8. De groepen 5 t/m 8 werken altijd over hetzelfde thema. Op deze manier
kunnen de kinderen uit groep 5/6 ook samenwerken met kinderen uit groep 7/8. Door thematisch te werken neemt de nieuwsgierigheid en leergierigheid van kinderen neemt toe. Hieronder staat een overzicht van alle 20 thema’s.

Coöperatieve werkvormen

Alle leerkrachten hebben de scholing coöperatief leren gevolgd. Bij coöperatief leren gaat het om de samenwerking tussen leerlingen. Dit wordt gestimuleerd door coöperatieve werkvormen, waarbij kinderen in tweetallen of groepjes werken. De kinderen discussiëren samen over de leerstof, ze geven elkaar uitleg en informatie en vullen elkaar aan. De achterliggende gedachte van coöperatief leren is dat kinderen niet alleen leren van de interactie met de leerkracht, maar ook van de interactie met elkaar. Bij coöperatief leren is dus niet alleen de lesstof belangrijk, maar ook de samenwerking. Er is dus sprake van een cognitief en een sociaal doel.

N.a.v. de Kanjertraining en coöperatief leren werken we in elke groep met maatjes. De kinderen hebben allemaal een maatje, waarmee ze op bepaalde momenten van de dag samenwerken of samen een bepaalde activiteit uitvoeren. Na een periode van een aantal schoolweken wordt er gerouleerd. Hoe vaak er gerouleerd wordt is afhankelijk van de groepsgrootte.